Aanroepingen voor de doden tijdens het begrafenisgebed · 1 van 4
((اللَّهُمَّ اغْفِرْ لَهُ وَارْحَمْهُ، وَعَافِهِ، وَاعْفُ عَنْهُ، وَأَكْرِمْ نُزُلَهُ، وَوَسِّعْ مُدْخَلَهُ، وَاغْسِلْهُ بِالْمَاءِ وَالثَّلْجِ وَالْبَرَدِ، وَنَقِّهِ مِنَ الْخَطَايَا كَمَا نَقَّيْتَ الثَّوْبَ الأَبْيَضَ مِنَ الدَّنَسِ، وَأَبْدِلْهُ دَاراً خَيْراً مِنْ دَارِهِ، وَأَهْلاً خَيْراً مِنْ أَهْلِهِ، وَزَوْجَاً خَيْراً مِنْ زَوْجِهِ، وَأَدْخِلْهُ الْجَنَّةَ، وَأَعِذْهُ مِنْ عَذَابِ القَبْرِ [وَعَذَابِ النَّارِ])).
O Allah, vergeef en heb genade met hem, excuseer hem en vergeef hem, en maak zijn ontvangst eervol. Verruim zijn toegang en reinig hem met water, sneeuw en ijs, en zuiver hem van zonde zoals een wit gewaad wordt gereinigd van vuil. Ruil zijn huis in voor een beter huis, en zijn gezin voor een beter gezin, en zijn echtgenoot voor een betere echtgenoot. Laat hem toe in de Tuin, bescherm hem tegen de bestraffing van het graf en de kwelling van het Vuur.
